• Niki Clerx

een gewoonte

We hebben allemaal ons eigen rariteitenkabinet. Dat vind ik mooi aan mensen. Ik houd van mensen die niet echt in het systeem passen, die anders zijn en daarmee moeten dealen. Ik voel me waarschijnlijk verbonden met dit type mens omdat ik er zelf toe behoor.

Ik heb er veel hoor; rariteiten, maar er is er één waar ik het meest last van heb. Als er te veel herrie is, zoek ik stilte op en als er te veel stilte is, zoek ik herrie op. Van het één raak ik overprikkeld en van het ander word ik, uiteindelijk, somber. Het lijkt wel alsof er tussen deze twee polen geen midden bestaat. Ik ben altijd aan het balanceren tussen te veel en te weinig. Dat is mijn rariteit, mijn verhaal, mijn handicap.


Ik gedij het beste in stilte, eerlijk is eerlijk. Stilte heeft mijn voorkeur, want hoe meer ik me afzonder, hoe meer ik de bomen hoor fluitsteren, hoe meer ik de kou op mijn gezicht voel, de grond onder mijn voeten en de ontspanning in mijn schouders. Ik zie weer sterren in de lucht als ik mijn laatste rondje met de hond loop. Ik kijk weer omhoog.


Maar dan, na te veel stilte en afzondering word ik somber wakker, ik voel me alleen. Wanneer is de laatste keer dat ik gelachen heb? Het is donker buiten, maar ook in mij. Wanneer heb ik nog een keer iets leuks gedaan, verbinding gehad? Iets met iemand gedeeld? Van gedachten gewisseld? Samen aan een plan gewerkt? Ik voel me alleen. Ik zit alleen nog maar in mijn hoofd. Een dichte donkere wolk. Ik hoor suizen, maar geen geluid. Wat is het stil in mij. Pijnlijk stil.


En dat is het punt dat ik weer naar buiten treed. De deuren wagenwijd open gooi en de wereld uitnodig om naar me toe te komen. Ik installeer Instagram en Linkedin op mijn telefoon, kijk op mijn lijstje met vertegenwoordigers die ik nog zou bellen voor een afspraak en ik houd oren en ogen open voor eventuele netwerkborrels. Al zijn dat nu zooms geworden. Iets waar ik, na anderhalf jaar, helemaal klaar mee ben.


In deze tijd is het niet mogelijk om terug te vallen op remedies uit het verleden.

Twee jaar geleden was het relatief gemakkelijk om in contact te komen met gelijkgestemden. Ik kon mijn behoefte aan alleen zijn in evenwicht houden met mijn hang naar verbinding. Ik ging naar exposities en evenementen, borrels en uitjes met mensen uit het vakgebied. De verbondenheid die ik voelde op een festival bleef nog maanden in mijn systeem en dat maakte dat ik niet de behoefte had om elke week uit te gaan. Een spontaan reisje naar Parijs, "ja" zeggen tegen een uitnodiging om naar Milaan te gaan. Een andere taal spreken, een etentje met vreemden, een workshop, een week lang met de boot rondzwerven of een spontaan diner in een strandtent met prachtig weer en dito mensen.


De hele wereld is stiltegebied. Ik maak afspraken met collega's en vrienden, maar het is niet afdoende om een bepaalde mate van somberheid te voorkomen. In deze tijd is het niet mogelijk om terug te vallen op remedies uit het verleden. De spontane, impulsieve, leuke uitjes zijn niet spontaan, niet impulsief en niet leuk meer.


Ik worstel ermee en velen met mij. We verlangen naar vrijheid, wat voorheen gewoon was. We missen het vrij zijn. Nu kan de ruimte om ons heen niet die vrijheid terug geven, maar we kunnen wel iets anders van ruimte leren, want ik geloof erin dat deze crisis ons ook iets te brengen heeft.


Hoe kan ruimte er nu voor zorgen dat we overeind blijven staan in deze ingewikkelde tijd? Wat kan er voor zorgen dat we bewuster in contact blijven met onszelf? Zodat we niet van het ene extreme naar het andere hoeven te slingeren? Zodat we minder snel overwerkt of oververmoeid raken en beter bij onszelf kunnen blijven? Zodat we het online even links laten liggen en offline verbinding maken. Met onszelf.


Hoe kan ruimte er nu voor zorgen dat we overeind blijven staan in deze ingewikkelde tijd?

Voor mij werken 'gewoonten'. Elke dag op dezelfde tijd opstaan en iedere avond dezelfde rituelen uitvoeren om mijn dag af te ronden. Sinds ik een studio heb waar vandaan ik werk heb ik een kamer over in mijn huis. De kamer kijkt uit over een enorme tuin, een aantal grote bomen en lucht, heel veel lucht. Hij is op het zuidoosten gesitueerd en overdag is het een zeer lichte kamer. 's Ochtends komt de zon als eerste in deze kamer. Het is een perfecte kamer om in wakker te worden omdat je wakker wordt met de zon op je gezicht.

In de avond zie ik de sterren en de maan schijnt fel in deze kamer. Volgens de richtlijnen van de feng shui kunnen we het beste in het Noorden slapen, want daar heerst de nachtenergie. Mijn slaapkamer ligt weliswaar op het Noorden, wat perfect is voor de slaapkamer, maar mijn avondritueel doe ik toch het liefste in de ochtendkamer. Want de rust van de tuin, de maan en de sterren die deze kamer binnen schijnen versterken de mystieke stilte van de tuin. Het zachte licht dat door de ramen van mijn buren schijnt maakt dat ik het gevoel heb in een tribe te zitten. Los van de wereld. Met mijn gezicht naar het centrum van de gemeenschap en met mijn rug naar de wereld.


Door betekenis te geven aan een ruimte gaat deze ruimte ons dienen. Nu ik elke avond in deze ruimte ga zitten, neem ik een moment om me los te koppelen van de wereld om te voelen wat ik nodig heb. Om mezelf uit de automatische piloot te kicken. Zo kan ik dag voor dag bewust stilstaan bij hoe het met me gaat en wellicht, misschien, hopelijk, een volgende overprikkeling of depressie voor zijn.


Onze ruimtes hebben allemaal zo hun eigen functie en hoewel we niet allemaal gezegend zijn met een extra ruimte waar je je terugtrekplek van kunt maken zijn er wel manieren om binnen je eigen leefruimte een plek te creëren waar je je los koppelt van de dag. Het maakt niet uit op welke plek je deze gewoonte invoert, maar áls je de gewoonte invoert dan krijgt deze ruimte betekenis en zal de ruimte je uiteindelijk ondersteunen in het loslaten van de dag en het inchecken bij jezelf.


Het zou bij wijze van spreken een tent in de woonkamer kunnen zijn, of het toilet dat je omtovert tot een plek waar je een tweede functie aan kunt geven en je hier ongestoord tot jezelf kunt komen. Een tuinhuisje, een hoek op zolder, een plek onder de trap, gooi een laken over de eettafel en creëer daar je plek. Jouw geheime plek. Ik zou er gek genoeg voor zijn, maar ja, ik heb dan ook heel wat rariteiten op dit gebied ;-).


Gewoonten zijn onlosmakend verbonden met het wonen (zie je de woordspeling?), het fijne aan het hebben van een eigen plek is dat je deze ruimte precies zo kunt gebruiken dat deze jou dient in exact wat je nodig hebt. Rituelen helpen hierbij. Net als elke dag op hetzelfde tijdstip opstaan je helpt om je dag met structuur te beginnen, is het afsluiten van je dag een zelfde gewoonte die je uiteindelijk rust zal geven. Zeker in ingewikkelde tijden kunnen we baat hebben bij wat ruimte voor onszelf.


Veel liefs Niki